19 mei Overstap op duurzame energie financieel haalbaar, maar verdeling van kosten belangrijk
De overstap naar duurzame energie blijft financieel haalbaar voor Nederland. De kosten en opbrengsten verschillen wel sterk tussen huishoudens, bedrijven en overheid. Daarom zijn duidelijke keuzes nodig over beleid, investeringen en een eerlijke verdeling van de kosten. Dat blijkt uit onderzoek waaraan TNO meewerkte.
Eerste overzicht van kosten van de energietransitie
Het Startrapport Energietransitie Integraal Kostenbeeld (opent in nieuw venster) (verwijst naar een andere website) van het meerjarige onderzoeksprogramma EIK en het TNO-prototype INKTVIS brengen voor het eerst bestaande kennis samen over de kosten van de energietransitie. Denk aan: systeemkosten (alle kosten om energie te produceren, te vervoeren, op te slaan en te gebruiken), investeringen (bijvoorbeeld in het elektriciteitsnet en wind- en zonne-energie), effecten op de economie en verschillen in kosten en opbrengsten voor huishoudens, bedrijven en overheid.
Tot nu toe ontbrak een geïntegreerd economisch overzicht, doordat studies uiteenlopende definities, aannames en systeemgrenzen hanteerden. Door de kennis samen te brengen ontstaat een consistenter beeld van de economische samenhang in de energietransitie.
Grote investeringen nodig
Volgens het rapport verandert het energiesysteem ingrijpend. Nederland gaat meer elektriciteit gebruiken en wordt minder afhankelijk van fossiele energie uit het buitenland. Daarvoor zijn grote investeringen nodig in onder meer elektriciteitsnetten, warmtepompen, duurzame energie en elektrisch vervoer. Tussen 2019 en 2023 groeiden de investeringen hierin al met ongeveer 60%. De totale systeemkosten stijgen beperkt. Een belangrijk inzicht is dat de kostenstructuur verschuift: waar nu vooral brandstofkosten domineren, neemt het aandeel investeringen in infrastructuur, opwek, flexibiliteit en eindgebruik toe.
Gevolgen voor bedrijven
Bedrijven die kunnen investeren in verduurzaming, hebben vaker lagere energiekosten. Wie die mogelijkheden niet heeft, betaalt juist meer. Sectoren die veel energie nodig hebben (zoals chemie en staal) krijgen vaker te maken met hogere kosten en concurrentiedruk. Bij bedrijven zijn onder meer sector, productieproces, elektrificeerbaarheid en kapitaalintensiteit bepalend voor hoe kosten en investeringen uitpakken.