Vlag met het logo van Shell

Rechtbank wijst miljardenclaim van Shell over ethyleenkartel af

De rechtbank in Amsterdam heeft de miljardenclaim van Shell tegen meerdere chemiebedrijven afgewezen. Volgens de rechter is onvoldoende aangetoond dat vermeende kartelafspraken op de ethyleenmarkt daadwerkelijk hebben geleid tot een kunstmatig lage ethyleenprijs.

Shell had een schadevergoeding geëist van verschillende producenten van ethyleen, de belangrijke grondstof voor onder meer kunststoffen en plastic verpakkingen. Volgens het energieconcern zouden de betrokken bedrijven jarenlang concurrentiegevoelige informatie hebben uitgewisseld, waardoor de marktprijs van ethyleen kunstmatig laag bleef. De rechtbank oordeelt echter dat niet kan worden vastgesteld dat de vermeende prijsafspraken daadwerkelijk invloed hebben gehad op de prijsontwikkeling van ethyleen.

Europese Commissie legde eerder boetes op

De zaak volgt op een besluit van de Europese Commissie uit 2020. Toen kregen het Zwitserse chemiebedrijf Clariant, het Mexicaanse Orbia en de Amerikaanse producent Celanese gezamenlijk een boete van 260 miljoen euro wegens verboden prijsafspraken op de handelsmarkt voor ethyleen. Volgens de rechtbank heeft de Europese Commissie destijds echter niet vastgesteld dat deze overtredingen ook daadwerkelijk hebben geleid tot een lagere marktprijs voor ethyleen. Daarnaast wijst de rechtbank erop dat alle marktpartijen, waaronder Shell, beschikten over informatie over de belangrijkste prijsbepalende factoren, zoals de ontwikkeling van de prijs van ruwe olie en de beschikbare hoeveelheid ethyleen op de markt. Daarmee ontbreekt volgens de rechter voldoende bewijs dat de vermeende kartelafspraken tot financiële schade voor Shell hebben geleid.

Zie ook ‘Clariant verwerpt schadeclaim van € 1,1 miljard van Dow Europe’ d.d. 21 juli jl.

Foto: door Shell