
02 nov Opinie: Wie krijgt ruimte op het volle elektriciteitsnet?
Voor industriële bedrijven en grote utiliteitsorganisaties wordt de beschikbaarheid van elektriciteit steeds bepalender voor de ruimte om te investeren en te verduurzamen. Bedrijven kunnen plannen hebben om processen te elektrificeren, productie te vernieuwen of gebouwen toekomstbestendig te maken, maar lopen daarbij steeds vaker tegen de grenzen van het elektriciteitsnet aan. Daarmee wordt netcongestie een strategisch vraagstuk. Niet alleen voor individuele ondernemingen, maar ook voor de vraag welke industrie en economische activiteiten Nederland in de toekomst ruimte wil geven. Wieger Droogh is CEO van Equans Nederland geeft zijn opinie.
Sinds 1 juli 2026 bepaalt een maatschappelijk prioriteringskader welke partijen voorrang krijgen op het elektriciteitsnet. Dat ziekenhuizen en andere essentiële voorzieningen daarbij prioriteit krijgen, is logisch. De echte politieke keuze begint daarna. Welke economische activiteiten willen we ruimte geven als niet alles tegelijk kan?
Energietrilemma dwingt tot keuzes
Die vraag belichaamt het energietrilemma van leveringszekerheid, betaalbaarheid en duurzaamheid. We willen bedrijven minder afhankelijk maken van fossiele energie en voor veel industriële en utilitaire organisaties betekent dat elektrificatie. Tegelijk vraagt die overstap extra capaciteit van een elektriciteitsnet dat op veel plekken al vol zit. Meer capaciteit vraagt bovendien grote investeringen, die uiteindelijk gevolgen hebben voor de betaalbaarheid van energie.
We kunnen netcongestie, industriebeleid, digitalisering en energieprijzen daarom niet afzonderlijk bekijken. Industrie heeft betaalbare en betrouwbare energie nodig om concurrerend te blijven en te verduurzamen. Grote utiliteitsorganisaties staan voor vergelijkbare keuzes rond gebouwen, mobiliteit en energiegebruik. Al deze ontwikkelingen doen een beroep op hetzelfde energiesysteem.
Ter illustratie: een industrieel bedrijf dat vanwege hoge kosten en klimaatdoelen zijn productie wil vernieuwen, kan daarvoor juist meer elektrisch vermogen nodig hebben. Als die capaciteit niet beschikbaar is, loopt de investering vast die het bedrijf juist toekomstbestendiger moet maken. Voor utiliteitsorganisaties geldt hetzelfde wanneer verduurzaming of uitbreiding vraagt om meer elektrisch vermogen dan het net kan leveren.
Daarom moeten we niet alleen vragen hoeveel capaciteit we kunnen bouwen, maar ook waarvoor we die capaciteit willen gebruiken. Hoe moet onze toekomstige economie eruitzien? Welke activiteiten vinden we belangrijk?
Crisiswet versnelt, maar kiest niet
De aangekondigde Crisiswet Netcongestie helpt om procedures rond infrastructuur te versnellen. Kortere vergunningprocedures en snellere aanleg van kabels en transformatorstations kunnen nieuwe capaciteit eerder beschikbaar maken. Daarmee is de fundamentele keuze echter niet gemaakt. Snellere procedures bepalen niet welke economische activiteiten toegang tot capaciteit krijgen. Die afweging is politiek. De overheid moet scherpstellen welk energiesysteem we bouwen met de economie die we in Nederland voor ogen hebben.
Daarbij hoort ook dat Nederland bestaand beleid daadwerkelijk uitvoert. Bedrijven die verplichte energiebesparende maatregelen kunnen nemen, moeten dat ook doen. Tegelijk moeten we organisaties die energie besparen, flexibel omgaan met hun verbruik en investeren in verduurzaming de ruimte geven om verder te komen.
Energie wordt een strategische bedrijfsfactor
Energie moet veel nadrukkelijker onderdeel worden van de strategie. Niet alleen de vraag hoeveel energie beschikbaar is, maar ook wanneer die nodig is, hoeveel vermogen werkelijk noodzakelijk is en waar verbruik kan worden verminderd of verschoven. Dat vraagt om andere keuzes bij investeringen en bedrijfsvoering. De beschikbaarheid van energie wordt steeds vaker een randvoorwaarde voor groei, verduurzaming en continuïteit. Organisaties die daar vroegtijdig rekening mee houden, kunnen beter sturen op wat binnen de beschikbare capaciteit mogelijk is.
Tegelijk heeft flexibiliteit grenzen. Een productieproces kan niet zonder gevolgen worden stilgelegd en een ziekenhuis of grote gebouwlocatie kan zijn energiebehoefte niet onbeperkt aanpassen aan het moment waarop capaciteit beschikbaar is. Dat vraagt bij de verdeling van schaarse capaciteit om goed kijken naar wat technisch en operationeel haalbaar is.
Koppel netbeleid aan industriebeleid
Mijn oproep is daarom om industriebeleid, energiebeleid en investeringen in het elektriciteitsnet aan één economische visie te verbinden. Voor industrie en utiliteit is die duidelijkheid cruciaal. Die ontstaat alleen als er beter zicht is op de richting van het energiebeleid en op de ruimte die het elektriciteitsnet daarin biedt.
Schaarse capaciteit dwingt tot keuzes. Laten we er dan voor zorgen dat die keuzes bewust worden gemaakt.
Over de auteur: Wieger Droogh is CEO van Equans Nederland. Equans is een technisch dienstverlener die organisaties en bedrijven helpt complexe verduurzamings- en digitaliseringsvraagstukken uitvoerbaar te maken, in omgevingen waar techniek, energie en continuïteit direct samenkomen. Dat doet Equans als strategisch partner die meedenkt van strategie tot uitvoering, en daarna.

